Liturgie Israëlzondag 7 oktober 2018 10.00 uur

 

Bevestiging jeugdouderling en ouderling-kerkrentmeester

Voorganger: ds. A.A. van den Berg

Organist: Henk Mannee

Piano: Barbara Broeren

Zondagssch/kdnd: kl: Gerja, M: Leonie V., Gr: Judith

Oppas:Mw. I. Groeneweg, Mw. G. v. Oudheusden, Joost de Haan

Koffie/thee/limonade drinken na de dienst

 

Dienstcollecten: Kerk en Eredienst;

Deur: Kerk en Israël. 

 

 

Wanneer u wilt, kunt u uw collectebijdrage overmaken op banknummer NL79FVLB0635807211 van de Kerkvoogdij o.v.v. datum dienst)

Klik hier voor: dienst beluisteren

 

 

Intochtslied OTH 360: 1, 2 (staande)

Bemoediging en groet (staande)

OTH 360: 3 

Wetslezing Efeze 4: 1-6 

OTH 362 (piano) 

Gebed

Schriftlezingen: Genesis 2: 1-4; Prediker 9: 7-12  

Kindermoment 

Psalm 119: 28, 29

Preek

Gezang 305

Bevestiging nieuwe ambtsdragers

Onderwijzing over de ambten in de gemeente: 

Gemeente, laten wij horen en overwegen wat de kerk

aan ouderlingen heeft toevertrouwd.

 

In het vergaderen en onderhouden van zijn kerk

maakt onze Heer Jezus Christus gebruik

van de dienst van mensen, aan wie Hij in de gemeente

een bijzondere taak heeft toevertrouwd.

Hun ambtswerk is bedoeld om de gelovigen toe te rusten

tot getuigenis en dienst in de wereld

en tot opbouw van het lichaam van Christus. Ef. 4:12

Zij mogen dit werk verrichten,

ziende op Hem,

die niet gekomen is om zich te laten dienen

maar om te dienen. Mc. 10:45

 

Zoals de oudsten in Israël

het volk vertegenwoordigden Ex. 24:9

en tegelijk opzicht hadden

over de gemeente van God, Num. 11:16

zo worden in de kerk van Christus

de ouderlingen aangesteld

om de gemeente te houden aan haar roeping:

een koninkrijk van priesters

en een heilig volk te zijn. Ex. 19:6

Door op te treden als vertrouwenspersoon

en geweten van de gemeente in deze tijd

bemoedigen zij hun broeders en zusters

in de navolging van Christus onze Heer.

Hoe zouden wij een levende gemeente zijn,

als niet mensen telkens weer

belangeloos werden opgezocht?

En hoe zouden de predikanten

de opdracht van de Goede Herder:

‘Hoed mijn schapen!’ Joh. 21:16

kunnen vervullen,

als zij daarbij niet op de medewerking

van ouderlingen mochten rekenen?

 

Alle ambtsdragers hebben tezamen

de verantwoordelijkheid als raad der kerk

om de gemeente en elkaar

in vieren, leren en dienen

bij de heilsgeheimen te bewaren:

voor alle dingen zoeken wij immers

Gods koninkrijk en zijn gerechtigheid. Mt. 6:33

 

En u, broeders, die nu gereed staat

uw ambtswerk te aanvaarden:

herinner u altijd met dankbaarheid

dat het Christus’ eigen kudde is,

die u wordt toevertrouwd.

Hij heeft haar verworven door zijn bloed; Hnd. 20:28

het is zijn kerk.

 

Aanvaard dan uw dienst met blijdschap,

voed uzelf met het Woord van God,

volhard in het gebed

en vertrouw op de kracht van de heilige Geest. 

Amen                                                                                                          

Gezang 481: 1, 2

Vragen en beloften bij de ambtsaanvaarding

Geliefde broeders,  

u die nu voor het eerst of opnieuw geroepen wordt tot het ambt van ouderling in deze gemeente:

 

Gelooft u dat u in uw verkiezing door deze gemeente door God zelf tot deze dienst bent geroepen?

 

Aanvaard u de heilige Schrift als enige regel van het geloof en wilt u zich verzetten tegen al wat daarmee strijdig is?

 

Belooft u uw ambt waardig en trouw te bedienen met liefde voor de gemeente en voor alle mensen die de Heer op uw weg brengt; belooft u geheim te houden wat vertrouwelijk te uwer kennis komt; en belooft u uw taak te vervullen overeenkomstig de orde van onze kerk?

 

Wat is hierop uw antwoord, Arie Cornelis Molendijk; en Eberhard Alexander van Nieuwenhuijsen?

 

Antwoorden

 

Zegening met handoplegging

 

Toezingen nieuwe ambtsdragers Psalm 134: 3 (ob) (staande)

 

Gebeden

 

Collecte

 

Slotlied OTH 354 (piano, staande)

 

Zegen (staande)

 

Beantwoording zegen met Gezang 255: 1

Aanvullende gegevens